Truus ontwikkelt campagne rond meme voor KFC
Reclamebureau vertaalt internetklassieker naar cheesy burger
Reclamebureau Truus heeft de campagne ontwikkeld voor de introductie van de Ik Wil Kaas- burger van KFC. De actie is gebaseerd op een virale uitspraak die tien jaar geleden ontstond bij een Nederlandse kaasboer en inmiddels is uitgegroeid tot een bekende internetmeme. De campagne speelt in op die internetcultuur en is bedoeld om een jonge doelgroep aan te spreken.
Centraal in de campagne staat een tv-commercial in brainrot-stijl, waarin snelle montage, overdaad aan visuals en referenties naar de meme samenkomen. De uitgesproken stijl sluit aan bij een generatie die is opgegroeid met TikTok-edits en ironische nostalgie.
Tamara van Beelen, Head of Marketing van KFC Nederland: "Deze burger gaat over meer dan kaas. Het is een knipoog naar een stukje Nederlandse internetgeschiedenis. En natuurlijk wilden we daar een campagne bij maken die net zo brutaal en herkenbaar is als de uitspraak zelf."
De campagne is ontwikkeld in samenwerking met mediabureau Abovo Media en PR-bureau Ovide.
Volg Marketing Report op LinkedIn
Volg Marketing Report op Instagram
Volg Marketing Report op Facebook
Abonneer je op onze gratis dagelijkse nieuwsbrief
Registreer jouw bureau gratis in de Marketing Report reclamebureau database The List
Lees ook:
SAN Accenten 2025: 113 nominaties
truus brengt Jumbo met Gullie naar carnavalspodia
HEMA grootste kanshebber bij The Best Social Awards
Influencer & Content Marketing Awards 2025 | De Winnaars
Branded content scoort hoger dan tv- en radioreclame
Volg Marketing Report op LinkedIn
Volg Marketing Report op Instagram
Volg Marketing Report op Facebook
Abonneer je op onze gratis dagelijkse nieuwsbrief
Registreer jouw bureau gratis in de Marketing Report reclamebureau database The List
Lees ook:
Campagne stimuleert helmgebruik bij ouders en kinderen
Cortina en Lemon Scented Tea vervolgen merkcampagne
[Vacatures] De Combinatie van Factoren zoekt een Medior Art Director
Campagne Jumbo’s draait om smaak en prijs
Dit artikel is gepubliceerd door: Saskia van Weert