Wenneker Group richt nieuwe videoproductiestartup op

Wenneker Group richt nieuwe videoproductiestartup op

04-04-2019 10:22:00 | Door: David de Jong | hits: 571 | Tags:

Wenneker Group heeft een nieuwe vidoeproductiestartup opgericht. Onder de naam Yung Films zullen content-campagnes worden ontwikkeld voor onder andere millennials. Yung Film zal worden geleid door Lars Brink en Esther Ris, die beiden afkomstig zijn van het muziekplatform Xite.

Afgelopen maand produceerde Yung Film de eerste content-campagne voor Nike met Kids Creative Agency in Berlijn. Alle content werd vervolgens gedistribueerd via influencers en de social channels van Zalando Germany.

Lars Brink, Creative Director: “Yung Film werkt met jonge filmmakers die de beeldtaal van hun generatie spreken. De ervaring met hedendaagse cultuur hebben deze makers opgedaan door het maken van videoclips en social content. Zij snappen de spelregels van de social platformen en werken multidisciplinair: teams zijn kleiner en schakelen snel.”

Esther Ris, Managing Director van Yung Film: “We dagen de klant uit om nooit zomaar één video te schieten. Maak ook meteen een ‘swipe-up-video’ om het product te kopen, een gifje voor de website en style foto’s voor de Insta-feed. Dit is niet alleen efficiënter, de uitingen zijn dan ook meteen in dezelfde herkenbare campagnestijl gemaakt.’’

Maurice Wenneker, Founder & Creative Director Wenneker Group: “Wij zijn ontzettend blij met deze uitbreiding. Het is de missie van de Wenneker Group om mensen in beweging te brengen door middel van relevante content. Met onze nieuwe startup Yung Film kunnen we dat nu ook specifieker doen in een traditioneel moeilijk te vangen doelgroep: jongeren en jongvolwassenen. Lars, Esther en hun team weten als geen ander hoe je die content maakt en hoe je ze optimaliseert voor alle online kanalen.”

www.yungfilm.nl

 

Meld je aan voor de Marketing Report nieuwsbrief

Volg Marketing Report op Twitter

Word lid van de Marketing Report Groep op LinkedIn

Vacatures in media- en marketingcommunicatie



.
.
.
.